De regering probeert ons belastingstelsel voor holdings onderuit te halen. Indien de maatregelen die vandaag op tafel liggen worden aangenomen, in het bijzonder de toevoeging van een voorwaarde van financiële vaste activa en het verwerpen van de aftrek van financieringskosten, valt te vrezen dat België haar plaats in de kopgroep van de gastlanden voor holdings zal verliezen…
Ons belastingstelsel voor holdings is, met de hervorming van de vennootschapsbelasting, in werking getreden in 2018, een van de aantrekkelijkste geworden binnen de Europese Unie. België wedijvert op dat gebied met zijn twee voornaamste concurrenten, Nederland en Luxemburg. Dit verklaart waarom België een door de multinationals of de rijke families zeer gewaardeerd gebied is om hun holding te vestigen.
Maar het spel zou wel eens danig kunnen wijzigen …
De regering heeft de Minister van Financiën belast met de voorbereiding van een reeks maatregelen die vallen binnen het kader van de « ruimere fiscale hervorming ». Om de verhoging van de belastingvrije som in de personenbelasting te financieren, stelt de Minister voor om een aantal fiscale niches in te trekken. Hij wil onder andere het stelsel van de « definitief belaste inkomsten » (DBI) verstrengen, waardoor de schatkist van de Staat, op kruissnelheid, zou worden gespijsd met niet minder dan 750 miljoen euro !
De toevoeging van een voorwaarde van financiële vaste activa
Momenteel kunnen de dividenden die worden verkregen door een (holding) vennootschap onder bepaalde voorwaarden voor 100% worden afgetrokken van de vennootschapsbelasting (het DBI- stelsel). We leggen met name de nadruk op de minimale participatievoorwaarde : de vennootschap-aandeelhouder moet in het kapitaal van haar dochtervennootschap een deelneming bezitten van ten minste 10 % of een deelneming met een aanschaffingswaarde van ten minste 2.500.000 EUR. Het zijn alternatieve criteria. De meerwaarden op aandelen kunnen onder dezelfde voorwaarden worden vrijgesteld. De Minister van Financiën wil deze minimale participatievoorwaarde van 2,5 miljoen euro nu combineren met een nieuwe voorwaarde : de deelneming moet de aard hebben van een « financieel vast actiefbestanddeel ».
Deze maatregel zou veel vermogensholdings (in handen van rijke families), die beleggen in portefeuilles van beursgenoteerde aandelen, die bestaan uit investeringslijnen van meer dan 2.500.000 euro, zwaar kunnen treffen. Een aandelenpakket (dat in de veronderstelling minder dan 10% vertegenwoordigd) in een beursgenoteerde vennootschap die meerdere miljoenen euro bedraagt zou zich inderdaad de hoedanigheid van financieel vast actiefbestanddeel kunnen ontzegd zien worden, indien ze geen « duurzame en specifieke band » schept of wanneer ze niet zorgt voor de ontwikkeling van de eigen activiteit van de holdingvennootschap.
Bijvoorbeeld : een deelneming van 10.000.000 euro in AB InBev zal over het algemeen geen « financieel vast actiefbestanddeel » vormen, maar een eenvoudige « geldbelegging ». De dividenden en de meerwaarden op aandelen zouden volledig kunnen onderworpen worden aan de vennootschapsbelasting tegen de aanslagvoet van 25% !
Verwerping van de aftrek van de financieringskosten
Momenteel laat de Belgische belastingwetgeving in beginsel de aftrek toe van de interesten van leningen bestemd voor de aankoop van aandelen, zelfs wanneer er een rechtstreeks verband kan worden gelegd tussen de interesten en de dividenden (voor 100% aftrekbaar dankzij het DBI-stelsel) of de (vrijgestelde) meerwaarden op aandelen. De mogelijkheid om de werkelijke bedragen van de kosten die werden gedragen voor de aankoop van deelnemingen is een genot voor de “gemengde” holdingvennootschappen, die hun financieringskosten kunnen aftrekken van hun belastbare inkomsten (interesten, royalty’s, management fees…). België onderscheidt zich op dat vlak onder andere van zijn buurland Luxemburg, die de aftrek van de financieringskosten verbiedt ten belope van de ontvangen dividenden en die een “recapture”-regel kent bij de verwezenlijking van meerwaarden op aandelen (belasting van de meerwaarde ten belope van de financieringskosten die afgetrokken werden van de belastbare grondslag van de holding). Donderslag : de Minister wil nu de aftrek van de financieringskosten verbonden aan de aankoop, het houden en de verkoop van aandelen afschaffen.
Alhoewel er op dit ogenblik nog geen politiek akkoord bestaat, is het hoogst waarschijnlijk dat de maatregelen die op tafel liggen een consensus zullen vinden binnen de regering…
Wordt vervolgd…
Advocaat-vennoot (Bloom Law)
Docent Universiteit van Luik
