2025/07/18:  De Tijd: Belegger kan meerwaarde boven 10.000 euro verborgen houden voor fiscus

Beleggers die straks hun vrijstelling op de meerwaardetaks willen terugvorderen bij de fiscus, zullen alleen hun winsten tot 10.000 euro moeten aangeven. De rest kan onder de waterlijn blijven. 

De regering-De Wever bereikte vrijdag een akkoord over de laatste punten en komma’s van de meerwaardebelasting, waarvan de grote principes eerder al waren vastgelegd. De voorbije weken was er nog wat ongerustheid ontstaan over de meldings- en ficheplicht, maar de Arizona-partijen raakten er uiteindelijk vrij vlot uit. 

Oorspronkelijk was het de bedoeling dat beleggers al hun meerwaarden zouden moeten aangeven als ze de vrijstelling van 10.000 euro wilden claimen. Bij een meerwaarde van 50.000 euro zou de bank dan 10 procent roerende voorheffing ofwel 5.000 euro afhouden, waarna de belegger dan open kaart zou moeten spelen tegenover de fiscus, om 1.000 euro terug te krijgen. Met een vrijstelling van 10.000 bedraagt de ware belastingdruk op een winst van 50.000 euro namelijk maar 4.000 euro. 

Maar de regering kiest uiteindelijk voor dezelfde manier van werken als bij het terugvorderen van de belastingvermindering op dividenden. Dat wil zeggen dat er in de aangifte maar 10.000 euro meerwaarde moet worden aangemeld, om 1.000 euro terug te krijgen. Voor alle meerwaarden boven de 10.000 euro geldt dan dat ze wel degelijk belast worden – via de inhouding van de roerende voorheffing door de bank – maar verborgen kunnen blijven voor de fiscus. 

‘Het viel te verwachten dat het deze richting zou uitdraaien. De Belg hecht veel belang aan discretie’, zegt fiscaal advocaat Denis-Emmanuel Philippe van het kantoor Bloom. ‘Dit komt vooral ten goede van beleggers die heel aanzienlijke meerwaarden realiseren en vrezen dat de fiscus die zou proberen te belasten aan 33 procent, het tarief voor speculatieve meerwaarde.’ 

Meldingsplicht 

Een dag na het principeakkoord maakten de Franstalige liberalen misbaar over het voorstel om van tussenpersonen meldingsplicht te eisen bij belangrijke transacties. Bij interne meerwaarden binnen groepen en bij transacties die onder het regime ‘aanmerkelijk belang’ verlopen – dus wanneer familiale aandeelhouders (een deel van) hun bedrijf verkopen – houden de banken geen roerende voorheffing in. De belastingplichtigen moeten dus zelf dit bedrag aangeven bij de fiscus.   

Daarbij ging de discussie dus nog over wat tussenpersonen – banken, boekhouders, advocaten,… – daarvan moeten melden. De conclusie is dat er altijd een ficheverplichting geldt wanneer er geen roerende voorheffing is. Maar om voldoende controle toe te laten zonder al te zware administratieve verplichtingen werd gekozen voor de volgende oplossing: alleen tussenpersonen die rechtstreeks betrokken zijn bij de transactie, moeten de meerwaarde melden. Niet tussenpersonen die slechts onrechtstreeks betrokken zijn. 

‘Dat zal accountants, fiscale adviseurs en estate planners die rechtstreeks betrokken zijn bij aankopen en verkopen met kopzorgen opzadelen. Advocaten zouden normaal gezien vrijgesteld moeten zijn wegens hun beroepsgeheim’, aldus Philippe. 

Fondsen 

Een derde en laatste aanpassing gaat over de inkopen binnen beleggingsfondsen. Oorspronkelijk waren de Arizona-partijen overeengekomen om een tijdelijke vrijstelling te voorzien voor beleggers die binnen hetzelfde fonds hun aandelen verschuiven van bijvoorbeeld Amerikaanse aandelen naar pakweg Europese aandelen. 

De vrees was echter dat dit een ontsnappingsroute zou kunnen worden, waarbij een heffing van de meerwaardetaks onbeperkt in de tijd zou kunnen worden uitgesteld door binnen hetzelfde fonds met beleggingen te schuiven.  Daarom werd beslist om die vrijstelling alsnog te schrappen. 

 Journalist Dieter Dujardin

Lees ook het artikel in de Tijd 

OP DE HOOGTE BLIJVEN?

Schrijf je in voor de nieuwsbrief en ontvang maandelijks de nieuwste blog-, pers- en media-artikels.



    ]